Pneumologische zorg: zorgen aan de luchtwegen


Longziekten zijn frequent voorkomende aandoeningen in België. Een goede begeleiding is dan ook onontbeerlijk. Je thuisverpleegkundige helpt je graag bij zorgen zoals zuurstoftherapie, aerosoltherapie, behandeling met puffers, tracheostomieverzorging of het verwijderen van overtollige slijmen uit de luchtwegen. Ook voor andere klachten of complicaties kan je bij ons terecht. Tevens helpen we je ook bij een goede preventie om verdere klachten te voorkomen.

Je vaste thuisverpleegkundige bekijkt samen met jou je zorgvraag en we zoeken samen met jou naar een passende oplossing. In overleg met je arts, je mantelzorger, met andere zorgverstrekkers, maar vooral ook met jou proberen we tegemoet te komen aan je verwachtingen. We proberen zo te voldoen aan je noden en we proberen problemen in de toekomst te voorkomen.

Zoals je reeds kan lezen, hebben onze verpleegkundigen een oog voor je volledige situatie. Dit noemen we onze holistische visie. Op deze manier zullen we in samenwerking met andere zorgprofessionals alles in het werk stellen om je zelfredzaamheid en zelfstandigheid thuis te vrijwaren.

Je verpleegkundige noteert alle gegevens in een elektronisch verpleegdossier. Zo zijn we steeds op de hoogte van je situatie. Indien je dat wenst, kunnen we onze gegevens ook delen met je huisarts, je behandelende specialist of ander zorgpartners. Hierdoor kunnen we dag en nacht voor jou paraat staan.

Bovendien heeft je verpleegkundige een brede kennis en schoolt hij zich continu bij. Voor specifieke of zeer complexe zorgen of vragen, gaan we ook steeds in overleg met gespecialiseerde collega’s, de zogenaamde referentieverpleegkundigen. Zij geven je vaste verpleegkundige bijkomend advies.

COPD of ‘rokerslongen’

COPD of chronisch obstructieve longziekte (Chronic Obstructive Pulmonary Disease) is een blijvende en langzaam progressieve aandoening van de longen waarbij het longdebiet vermindert, en als gevolg het transport van de lucht naar longen bemoeilijkt wordt. COPD is een verzamelnaam voor twee longaandoeningen, namelijk chronisch obstructieve bronchitis en longemfyseem, of een combinatie van beide aandoeningen. In de beginfase gaat het veelal om chronisch obstructieve bronchitis, terwijl het emfyseem vaak laattijdiger optreedt bij meer ernstige vormen.


Chronisch obstructieve bronchitis

Chronisch obstructieve bronchitis is een chronische ontsteking van de luchtwegen. Door deze ontsteking gaan de luchtwegen vernauwen. Hierdoor wordt de beschermlaag met kleine haartjes die slijmen uit onze luchtwegen verwijderen, beschadigd.


Longemfyseem

Longemfyseem is een progressieve beschadiging van de kleinste onderdelen van de longen, namelijk de longblaasjes of alveoli. De longen verliezen hun elasticiteit waardoor de lucht tijdens de uitademing gedeeltelijk gevangen blijft in de longen. Als gevolg wordt de lucht in de longen opgestapeld, en kan ze dus niet meer worden uitgeademd. Uiteindelijk zal je hierdoor in ademnood geraken en kortademig worden, waardoor je inspanningen zal moeten staken om weer op adem te komen. In het begin heb je als COPD-patiënt weinig of geen klachten. Meestal ontwikkelen de eerste klachten zich pas na de leeftijd van 45 jaar. Net door het ontbreken van deze symptomen in de beginfase is het vroegtijdig opsporen van deze aandoening zo moeilijk. De ziekte is wel te behandelen, maar niet te genezen. Ze is dus niet volledig omkeerbaar of versibel, waardoor een blijvende vernauwing ontstaat van de luchtwegen. Eénmaal de diagnose is gesteld, kan men de symptomen enigszins verlichten met behulp van allerhande geneesmiddelen en bepaalde oefeningen of een revalidatieprogramma. Deze geneesmiddelen zijn er vooral op gericht om de reeds vernauwde luchtwegen te verwijden.

Een abnormale ontstekingsreactie van de longen als reactie op stofdeeltjes of bepaalde gassen, ligt aan de basis van COPD. De meest gekende boosdoener is natuurlijk tabaksrook. Maar ook anderen spelen een voorname rol, zoals bepaalde oplosmiddelen of stedelijke luchtpollutie. Ongeveer 97% van alle COPD-patiënten zijn rokers of ex-rokers. Het is ook bewezen dat de impact van roken groter is bij vrouwen dan bij mannen. Uiteraard ontwikkelen niet alle rokers even snel COPD. Men neemt aan dat bepaalde genetische factoren mee aan de basis liggen in het ontwikkelen van COPD (bij rokers). Andere factoren die hier mogelijk toe bijdragen, zijn ondervoeding, een laag geboortegewicht en infecties.

Symptomen van COPD

Chronisch obstructieve bronchitis en longemfyseem kennen een aantal specifieke kenmerken die zich meestal manifesteren na de leeftijd van 45 jaar, zoals:
• een chronische hoest; deze kan de ganse dag en/of nacht aanwezig zijn of kan ook beginnen bij ontwaken.
• het opgeven van heldere fluimen; meestal ’s ochtends.
• kortademigheid of dyspnoe; vaak volgt deze kortademigheid op een inspanning, waardoor het steeds sneller ontwikkelen van kortademigheid pas later opvalt.


Het hoesten en opgeven van fluimen blijven meestal in de volgende tien jaar aanhouden. In sommige gevallen valt de toenemende kortademigheid pas op wanneer je een longinfectie doormaakt, bv. wanneer het hoesten toeneemt en je meer fluimen of sputum moet opgeven. Tijdens zo’n infectie kan de kleur van het sputum veranderen van helder naar geel of groen. Soms kan dit ook gepaard gaan met het ophoesten van fijne streepjes bloed in de fluimen. Vele patiënten klagen tijdens deze periode ook van hoofdpijn omdat er meer CO2 in de longen achterblijft. Tegelijkertijd zal ook de hoeveelheid zuurstof in het bloed dalen, waardoor de huid een blauwe kleur kan krijgen. In vele gevallen is een ziekenhuisopname dan noodzakelijk.

Indien je na een tiental jaar nog geen rookstop hebt ingelast, zal de kortademigheid significant verergeren, vooral bij inspanning en uiteindelijk ook in rust. Ongeveer 30% van de patiënten zal hierdoor aanzienlijk gewicht verliezen. Dit komt enerzijds door de verhoogde inspanning die je moet leveren om je kortademigheid ‘te compenseren’, en anderzijds door een verhoogde concentratie van ‘tumornecrosefactor’ in het bloed. Vaak zijn ook de voeten en onderbenen opgezwollen als gevolg van het rechterhart dat faalt (zie hartfalen).

Naarmate de COPD zich verder ontwikkelt, krijgt de borstkas vaak de vorm van een ton, als gevolg van de longen die langdurig uitgezet zijn door vasthouden van lucht. Uiteindelijk zal je als COPD-patiënt veel vatbaarder zijn voor luchtwegeninfecties. Vaak gaat dit gepaard met frequente ziekenhuisopname. In een laatste stadium van COPD ben je als patiënt volledig afhankelijk van zuurstoftherapie, vaak in combinatie met verschillende geneesmiddelen.


COPD is niet hetzelfde als astma

Bij astmapatiënten is er een chronische ontstekingsreactie aanwezig ter hoogte van de luchtwegen. Specifiek hierbij is dat je als astmapatiënt periodes kent van aanvallen die gekenmerkt worden door luchtwegvernauwing en kortademigheid. Buiten deze astma-aanvallen heb je als astmapatiënt echter een normale ademhaling. COPD-patiënten kennen ook een chronische ontstekingsreactie aan de luchtwegen, maar in tegenstelling tot bij astmapatiënten is de ontsteking hier permanent aanwezig en zal uiteindelijk ook het gevoel van kortademigheid elke dag aanwezig zijn.


Behandelingsmogelijkheden voor COPD

COPD is te behandelen, maar niet te genezen. Daarom is de behandeling ook stapsgewijs voorzien:
• rookstop
Dit is de eerste en zo niet de belangrijkste behandeling van COPD. Roken zorgt ervoor dat ademen steeds moeilijker wordt. Daarom is het dus nooit te laat om te stoppen met roken. Hoe sneller of vroeger je stopt met roken, hoe langer je longen ‘jong’ blijven. Wanneer je longen door het jarenlange roken beschadigd zijn, zullen deze verder verouderen aan dezelfde snelheid als bij een niet-roker, maar pas vanaf het moment dat je volledig stopt met roken.
• medicamenteuze therapie
Vaak gaat het hier om aerosols of puffers, ook wel inhalatietherapie genoemd. Deze zijn er vooral op gemaakt om de luchtwegen open te zetten of te verwijden. Vaak worden deze geneesmiddelen gecombineerd met cortisone. Deze cortisone kan ingenomen worden via puffers of via pilletjes. Vaak moet men cortisonepilletjes bij innemen gedurende een korte periode, wanneer de symptomen sterk zijn toegenomen, bv. ten gevolge van infectie.
• activiteit- en oefenprogramma
Samen met een kinesitherapeut kan je de inspanningstoleratie proberen te verhogen en je spiermassa trachten te verbeteren met ademhalingskinesitherapie. Een ergotherapeut kan je dan weer helpen om je dagelijkse activiteiten zo doeltreffend mogelijk uit te voeren op een manier dat je zo min mogelijk energie verbruikt en in ademnood geraakt.
• zuurstoftherapie
Bij sommige patiënten is het noodzakelijk om continue zuurstoftherapie te voorzien.

Welke zorgen biedt Asklepios thuisverpleging bij mijn longproblemen?


Praktische informatie


Wat brengt je verpleegkundige mee?

Wij zorgen voor:
• handontsmetting
• ontsmettingsmiddelen
• handschoenen (niet steriel)
• steriele wondverzorgingset
• steriele spuitjes
• steriele naaldjes
• steriele instrumenten
• je elektronisch verpleegdossier
• sondes voor afzuigen van slijmen

Wat leg ik klaar?


Je verpleegkundige heeft het volgende van jou nodig:
• je elektronische identiteitskaart
• een klevertje van de mutualiteit
• het voorschrift van je arts
• je medicatie (puffers, pillendoosje …)
• je aangepast stomamateriaal (indien van toepassing)
• materiaal voor je zuurstoftherapie
• je aerosoltoestel of inhalatiekamer
• je aspiratietoestel en bijhorende leidingen
• een afvalzakje
• splitcompressen en een fixatiebandje in geval van een tracheastomie
• zuurstofwater
• steriele canule
• steriel water
• eventueel ontsmettend mondwater (alcoholvrij)


Hoe vaak komt mijn verpleegkundige langs?

Hoe vaak je verpleegkundige langs komt, is afhankelijk van je zorgvraag, je zorgbehoefte en van het voorschrift van je arts. Je verpleegkundige zal dit steeds met jou bespreken.
Voor dringende gevallen is er steeds een verpleegkundige beschikbaar.

Hoeveel gaat de verzorging mij kosten?

Meestal hoef je voor de verzorging zelf niets te betalen. Bij Asklepios thuisverpleging regelen we de betaling rechtstreeks met je mutualiteit of je verzekering. Voor sommige prestaties heeft de overheid echter geen vergoeding voorzien. In dat geval zal je verpleegkundige een supplement aanrekenen. Dit supplement ligt tussen € 2,50 en € 8,50, afhankelijk van de prestatie en of zorg verleend is in het weekend of tijdens de week. Je verpleegkundige zal je hierover op voorhand informeren. Je zal ook elke maand een gedetailleerde factuur ontvangen.